Zelfportret

Zelfportret circa 1645

Carel Fabritius

Zaal 10

Audio & video

Vraag maar raak

Terug

Bedankt voor uw vraag, deze is verzonden.

We streven ernaar alle vragen te beantwoorden. Maar dit zal niet altijd mogelijk zijn.

Als uw vraag beantwoord is, ontvangt u het antwoord per e-mail. De vraag en het antwoord zijn dan ook terug te zien in de Boijmans Tour.

Met vriendelijke groet,
Museum Boijmans Van Beuningen

Merel vroeg:
Hoe werd je de leerling van Rembrandt?
Museum Boijmans Van Beuningen antwoordde:
Beste Merel. Je ouders konden aan Rembrandt vragen of je bij hem in de leer mocht gaan. Je moest dan natuurlijk wel wat talent hebben, want les krijgen van Rembrandt kostte veel geld: 100 gulden per jaar. In die tijd verdienden maar weinig mensen meer dan 1 gulden per dag, dus reken maar uit! Rembrandt is zelf ook ooit leerling geweest, vanaf zijn 15e tot zijn 18e was de Leidse schilder Jacob van Swanenburgh zijn leraar. Later ging hij ook nog in de leer bij de schilder Pieter Lastman in Amsterdam. Groeten, Peter
marga van wijngaarden vroeg:
Ik ben gisteren in het Boijmans geweest en wat me opviel was dat 'veel' schilderijen bijna niet meer goed te bekijken waren omdat ze wel heel erg donker geworden waren. Worden er wel schilderijen schoongemaakt om ze weer wat helderder te laten zijn? Of is dit te kostbaar? Groeten, Marga
Museum Boijmans Van Beuningen antwoordde:
Beste Marga, Donkere schilderijen: Dat hangt van heel veel af. Het kan een vernis zijn die is verkleurd, donker geworden. Het kunnen pigmenten zijn die verdonkeren. Zo kan blauw bijvoorbeeld bijna zwart worden, kijk maar naar de mantel van Maria bij Fra Angelico. En heel belangrijk is ook dat schilderijen die op een bruine ondergrond zijn geschilderd, zeer vaak in de loop der eeuwen nadonkeren. Dat geldt dan vooral voor Italiaanse schilderijen, vooral uit de 17de en 18de eeuw, toen het zeer gebruikelijk was om op een bruine ondergrond te schilderen. Ook Nederlandse kunstenaars die in Italiƫ werkten gebruikten deze techniek. Een goed voorbeeld is het werk van Sweerts, Tekenaar bij een fontein. Keuze tot restauratie: Het belangrijkste argument om te gaan restaureren is dat de verf van een schilderij niet vastzit (dat de verf dus bladdert), zodat er gevaar bestaat dat er originele verf verloren gaat. Daarnaast kan de drager, en dat geldt dan vooral voor panelen, niet in goede conditie zijn, zodat er bijvoorbeeld spanning op de verflaag ontstaat waardoor er gevaar is voor bladderen. Dit is nog wel eens het geval als er een parket (latten) op de achterkant van een paneel is geplakt waardoor het oorspronkelijke paneel niet goed kan bewegen. Daarnaast is een belangrijk argument als de vernis zeer vergeeld is of als de retouches zeer verkleurd zijn, waardoor het oorspronkelijk beeld van het kunstwerk niet meer te zien is. In principe zijn we altijd terughoudend met restauraties, als het niet echt hoeft dan liever niet. De Tobit en Anna zal ongetwijfeld altijd al vrij donker zijn geweest, maar ongetwijfeld is het ook nagedonkerd omdat het op een bestaand schilderij van een stilleven is geschilderd dat een donkere achtergrond heeft. Doordat verf in de eeuwen heen transparanter wordt schemert die donkere verf er nu doorheen. Met vriendelijke groet, Friso Lammertse Conservator
Luuc vroeg:
Waarom kijkt de man zo serieus?
Museum Boijmans Van Beuningen antwoordde:
Dag Luuc, Het was in die tijd eigenlijk niet netjes om lachend geportretteerd te worden. Je wilde laten zien hoe belangrijk je was, of hoe rijk, en daarbij past een serieuze houding beter dan een lach. Groeten, Rianne
Caroline Dubois vroeg:
Waarom zijn de schilderijen uit die tijd altijd zo donker?
Museum Boijmans Van Beuningen antwoordde:
Dag Caroline, Een belangrijke reden was dat kunstenaars in die tijd binnen schilderden, in hun atelier. Daar was het behoorlijk donker omdat er nog geen elektrisch licht bestond. Bovendien kan een schilderij naar verloop van tijd ook verkleuren, vaak wordt de vernislaag donkerder van kleur en het schilderij kan ook vuil zijn. Groeten, Rianne

Over dit kunstwerk

Dit meesterlijke portret werd ooit beschouwd als een werk van Rembrandt van Rijn, maar het is van zijn de briljante leerling Carel Fabritius. Het oeuvre van Fabritius is klein, er zijn ongeveer tien schilderijen bekend. De schilder kwam jong om het leven toen zijn atelier werd verwoest bij een grote kruitexplosie in 1654 in zijn woonplaats Delft.

Over de maker

Carel Fabritius

Midden-Beemster 1622 - Delft 1654

Carel Fabritius kreeg zijn artistieke vooropleiding van zijn vader. In 1641 verhuisde hij naar Amsterdam en ging daar bij Rembrandt in de leer. Onder diens naam vervaardigde hij portretten. Hij wordt beschouwd als Rembrandts meest briljante leerling. Vanaf 1650 woonde en werkte Fabritius in Delft. Hier vond hij op jonge leeftijd in 1654 de dood bij de ontploffing van het kruitmagazijn, waarbij een kwart van de stad verwoest werd. Door zijn vroege dood is zijn oeuvre niet groot. Slechts 14 schilderijen zijn met zekerheid aan Carel Fabritius toe te schrijven. Elk van deze werken staat op zichzelf en getuigt van grote originaliteit.


Objectdetails

materiaal en techniek: olieverf op paneel
objectsoort: schilderij
creditline: Legaat / Bequest: F.J.O. Boijmans 1847
inventarisnummer: 1205 (OK)